Terug naar overzicht
19 oktober 2026

Verbetering hybride WGA-markt?

Meer dan tien jaar geleden werd de Wet verbetering hybride markt WGA aangenomen door het Parlement. De Wet zorgde voor een ingrijpende wijziging van de financiering van WGA-lasten. Dit was nodig om te zorgen voor een verbetering in de verhouding tussen publieke uitvoerder en private verzekeraars en daarmee voor een meer evenwichtig hybride stelsel. Dankzij een meer evenwichtig stelsel zouden werkgevers zich kunnen focussen op preventie en re-integratie in plaats van op premieverschillen. Tien jaar later is van een evenwichtig stelsel echter geen sprake. Hebben we over tien jaar nog wel een hybride WGA-markt?

Inschrijven voor onze gratis Digi-kwest nieuwsbrief.

De hybride WGA-markt staat onder druk vanwege een haperende private markt. Er zijn steeds minder inkomensverzekeraars en de overblijvers blijken niet happig te zijn op WGA-eigenrisicodragen. De premies voor 2027 van WGA-eigenrisicodragersverzekeringen worden per de vervaldata fors verhoogd. Een nieuwe premie wordt daarnaast steeds vaker voor maar één in plaats van drie jaar afgegeven. Er is maar één van de grote verzekeraars die voor werkgevers die WGA-eigenrisicodrager willen worden nog een aanbieding doet. Een enkele verzekeraar heeft zelfs in de polisvoorwaarden opgenomen om het recht te hebben geen verlengingsvoorstellen te doen. De haperende private markt is er wel met een reden. Of eigenlijke dankzij meerdere redenen.

De WGA-eigenrisicodragersverzekering is een WIA-volgende verzekering. De uitkering die wordt verstrekt, wordt bepaald door de WGA-uitkering die door UWV wordt vastgesteld. De enorme achterstanden in claimbeoordelingen bij het UWV en de vele fouten die zijn (en wellicht nog steeds worden) gemaakt in de dagloonvaststelling, bezorgen verzekeringsmaatschappijen kopzorgen. Er worden vooral voorschotten verstrekt die later verrekend moeten worden. De fouten in de dagloonvaststelling leiden tot correcties in uitkeringen, maar de verlagingen gelden alleen naar de toekomst toe. Er worden geen herbeoordelingen meer verricht zodat WGA-uitkeringen langer worden verstrekt. Praktisch beoordelen zorgt voor andere uitkomsten, de 60-plus-regeling al helemaal. Dat WGA-uitkeringen ineens met meer dan 10 procent worden verhoogd door een onverwachte eenmalige indexatie, vergroot het enthousiasme van verzekeraars voor de WGA-markt evenmin.

Omdat verzekeraars hun vingers niet willen branden aan onduidelijke risico’s worden premies voorgesteld die soms zelfs hoger liggen dan de maximale premie van het UWV. Werkgevers hebben dan natuurlijk de keuze om terug te keren naar UWV. Daar worden zij dankzij de Wet verbetering hybride markt WGA wel geconfronteerd met de zogeheten ‘terugkeerpremie’. Concreet betekent dit dat alle historische WGA-lasten worden gebruikt in de vaststelling van de WGA-premie. Ook WGA-schade die is ontstaan in de periode dat de werkgever eigenrisicodrager was en over welk risico dus al verzekeringspremie betaald is. Er moet daardoor goed gerekend worden voordat de werkgever een keuze maakt. De focus van de werkgever komt zo gedwongen weer te liggen op premieverschil in plaats van preventie en re-integratie. 

Het UWV wordt gelukkig vanuit de overheid geholpen om meer te doen aan het wegwerken van achterstanden. Die hulp zorgt er echter wel voor dat de WGA-markt de komende tijd niet aantrekkelijk is voor private verzekeraars. Denk naast de 60-plus-regeling bijvoorbeeld ook aan het plan om de IVA af te schaffen, waardoor ook duurzaam volledig arbeidsongeschikten onder het WGA-risico kunnen komen. Een weinig aanlokkelijk risico voor inkomensverzekeraars. Uiteindelijk is de enige garantie voor een evenwichtige hybride WGA-markt de verbetering van de WGA-uitvoering, ofwel de komst van een uitvoerbare WGA-regeling.