Terug naar overzicht
21 november 2022

Opletten bij aanpassing werkzaamheden AOV

Advisering en dossieronderhoud bij een private arbeidsongeschiktheid is een vak apart. Dat bleek onlangs weer uit een uitspraak die het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening deed naar aanleiding van een klacht van een verzekerde ondernemer. Wat was er aan de hand?

Inschrijven voor onze gratis Digi-kwest nieuwsbrief.

De ondernemer heeft een arbeidsongeschiktheidsverzekering afgesloten na advies van en via bemiddeling door een adviseur. De ondernemer is ingedeeld in beroepsklasse vier. Die beroepsklasse is van belang, omdat mede aan de hand ervan de premie wordt vastgesteld. Verzekeraars werken doorgaans met een indeling in vier beroepsklassen met een qua zwaarte oplopende klassering, waarbij klasse vier dus de zwaarste klasse is. In dit geval was het beroep van de werknemer ‘varkenshouder’.

Tijdens een onderhoudsgesprek komt ter sprake dat de werksituatie van de ondernemer is gewijzigd. Omdat hij nog maar voor tien procent meewerkend is in de varkenshouderij, wordt de beroepsklasse gewijzigd naar klasse drie. Een lichtere klasse en dit zal voor de ondernemer een verlaging van de premie hebben opgeleverd. Vijf jaar later vindt er weer een gesprek plaats tussen de ondernemer en de adviseur. Nu blijkt dat de werkzaamheden weer zwaarder zijn geworden. Er is vervolgens een nieuwe verzekering aangevraagd waarbij de beroepsklasse (terug) is gewijzigd van klasse drie naar klasse vier. Voor de aanvraag moest een gezondheidsverklaring worden geleverd. Naar aanleiding van deze gezondheidsverklaring heeft de verzekeraar twee uitsluitingsclausules op de verzekering geplaatst. Arbeidsongeschiktheid als gevolg van onder andere rugklachten worden door deze clausule uitgesloten van dekking.

Drie jaar later dient de ondernemer een klacht in omdat de adviseur de beroepsklasse heeft gewijzigd van klasse vier naar klasse drie. De ondernemer geeft aan dat hij destijds de meeste tijd uitvoerende werkzaamheden verrichtte en dat beroepsklasse drie helemaal niet aan de orde was. De adviseur vindt dat de ondernemer te laat is met zijn klacht. Een klacht moet tijdig worden ingediend, maar de wet geeft daaraan geen vaste termijn[1]. Het Kifid vindt in dit geval dat de adviseur gelijk heeft. De ondernemer heeft na de wijziging een nieuw polisblad ontvangen waarin de beroepsklasse was gewijzigd en bovendien werd aangegeven dat er sprake was van tien procent meewerkende activiteiten. Na ontvangst van het polisblad had hij contact met de adviseur moeten opnemen als hij het er niet mee eens was. In deze zaak werd er uiteindelijk pas acht jaar na de wijziging een klacht ingediend en dat is volgens Kifid niet meer te beschouwen als tijdig.

Helaas wordt door de te late klacht niet inhoudelijk op de zaak ingegaan. Als een wijziging naar klasse drie inderdaad in de rede had gelegen vanwege een wijziging in werkzaamheden, dan had de adviseur de ondernemer in ieder geval toen moeten wijzen op de mogelijke gevolgen in de toekomst, mocht de beroepsklasse weer terug gewijzigd worden. Zonder de wijziging was de ondernemer immers niet met de uitsluitingen geconfronteerd. Vanzelfsprekend had een en ander dan goed vastgelegd moeten worden in het AOV-dossier.

Zoals gezegd: Advisering en dossieronderhoud bij een private arbeidsongeschiktheid is een vak apart. Vandaar dat wij er een volledige opleiding aan gewijd hebben. Meer informatie

 

[1] artikel 6:89 BW