Terug naar overzicht
29 oktober 2018

Oordeel over het deskundigenoordeel

Vorig jaar voerde het UWV bijna 14.000 deskundigenoordelen uit. Een deskundigenoordeel of second opinion van het UWV moet werkgevers en werknemers helpen bij de re-integratie als deze is vastgelopen. Bij de aanvraag van een deskundigenoordeel zijn werkgever en de zieke werknemer het meestal niet met elkaar eens over de wederzijdse re-integratie-inspanningen, passende arbeid of arbeidsongeschiktheid. Het UWV geeft dan op verzoek haar oordeel en over dat oordeel wordt regelmatig geoordeeld door een rechter.

Inschrijven voor onze gratis Digi-kwest nieuwsbrief.

Het doel van het deskundigenoordeel is om de stokkende re-integratie los te trekken. Uit de leden 1 tot en met 3 van Artikel 32 Wet SUWI blijkt dat voor verschillende zaken een deskundigenoordeel kan worden aangevraagd. Achtereenvolgens is dat over:

  1. Het al dan niet bestaan van arbeidsongeschiktheid voor het eigen werk (lid 1);
  2. Het nakomen van de re-integratieverplichting door de werknemer (lid 2);
  3. Het aanwezig zijn van passende arbeid bij de werkgever (lid 3) en
  4. Het nakomen van de re-integratie-inspanningen door de werkgever (lid 3).

Het oordeel van UWV is niet altijd de oplossing en als werkgever en werknemer het niet eens kunnen worden, dan zal dat tot een ontslag kunnen leiden. Bij een rechtszaak zal de rechter dan ook kennis nemen van de inhoud van het afgegeven deskundigenoordeel. In de praktijk blijkt dat rechters het zeker niet altijd eens zijn met een afgegeven deskundigenoordeel. Een duidelijk voorbeeld daarvan lazen we in deze LinkedIn bijdrage van jurist arbeidsrecht Cindy Schroeten.

Het UWV zal waarschijnlijk, alleen al vanwege het tekort aan verzekeringsartsen, een deskundigenoordeel proberen met de minst mogelijke tijdsinvestering uit te brengen. Werkgevers en werknemers kunnen met een oordeel hun voordeel doen, maar zullen ook in het achterhoofd moeten houden dat het een niet bindend advies betreft van onze druk bezette uitvoeringsinstelling.