Terug naar overzicht
17 november 2025

Nut van WGA-dienstverlening door UWV

Begin november stuurde minister Paul van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een brief naar de Tweede kamer over WGA-dienstverlening. In die brief ging de minister in op twee interessante onderzoeken naar WGA-dienstverlening en op een verzoek uit de Tweede Kamer om de re-integratie van mensen in de WIA te verbeteren. Dat laatste verzoek was alweer eventjes geleden gedaan, door NSC.

Inschrijven voor onze gratis Digi-kwest nieuwsbrief.

Een jaar geleden diende NSC-Kamerlid Saris een motie in die de regering opriep om voor het mei-reces van 2025 met een voorstel naar de Kamer te komen om de mogelijkheden voor re-integratie van mensen in de WIA, inclusief scholing, substantieel te verbeteren. Onderdeel van het verzoek was dat met het UWV tot scherpere prestatieafspraken gekomen moest worden met betrekking tot de aan te bieden re-integratie- en scholingsmogelijkheden.

De nadruk op scholing kwam vanwege de constatering van NSC dat het aandeel uitkeringsgerechtigden dat na scholing werk vindt, bijna tweemaal zo groot is als voor de gemiddelde groep in de uitkering. Handig voor de behandeling van de motie is dat het UWV dit jaar een experiment heeft afgerond waarin de effectiviteit van Scholing binnen de WGA werd onderzocht. Kortheidshalve verwijzen we naar dit nieuwsbericht. Een tweede onderzoek waar de minister bij de behandeling van de motie gebruik van maakt, is de meerjarige effectevaluatie naar WGA-dienstverlening.

Voor het onderzoek naar de WGA-dienstverlening zijn van oktober 2019 tot en met april 2021 willekeurige mensen met een WGA-uitkering met vergelijkbare kenmerken geselecteerd. De deelnemers zijn verdeeld in drie groepen van elk 6.000 personen. Elke groep ontving een verschillend niveau van dienstverlening. De experimentgroep kreeg uitgebreide dienstverlening, de controlegroep geen dienstverlening tenzij daarom verzocht werd en de derde groep kreeg de reguliere -basale- dienstverlening. Alle deelnemers zijn gedurende drie jaar gevolgd, met een meetperiode tot mei 2024. Gemonitord werden de ontwikkelingen op het gebied van werk, uitkering, tussenstappen naar werk, gezondheid, welbevinden en klanttevredenheid van de mensen.

Geweldig nieuws is dat het experiment duidelijk maakt dat dienstverlening positieve effecten heeft op het vinden en behouden van werk. Of het nu gaat om het aandeel mensen dat binnen drie jaar aan het werk komt, als werknemer of zelfstandige, het aandeel mensen dat na drie jaar aan het werk is of de fractie van de tijd dat mensen werk hebben (zowel in dagen als in uren gemeten), steeds ligt dit percentage hoger voor de WGA’ers in de experimentgroep dan voor de WGA’ers in de controlegroep. De uitgebreide dienstverlening zorgt volgens de onderzoekers ook voor een significant hoger niveau van welbevinden.

Dan de cijfers. Van de WGA’ers met uitgebreide dienstverlening is na drie jaar 26,8% aan het werk. Bij de groep zonder dienstverlening is dit 24,1%. Door de arbeidsparticipatie ontstaat er een besparing op uitkeringslasten. De netto besparing op de uitkeringslasten over drie jaar bedraagt € 577 per persoon. De kosten van dienstverlening over diezelfde periode bedragen € 3.748. En het welbevinden? Aan het begin van het experiment gaven WGA’ers hun leven gemiddeld een 5,8 als rapportcijfer. De WGA’ers met uitgebreide dienstverlening geven na drie jaar de dienstverlening hun leven gemiddeld een voldoende: 6,1.

Interessant is de conclusie van de onderzoekers dat het effect van extra dienstverlening op het vinden en behouden van werk niet groter is dan het effect van reguliere dienstverlening op betaald werk. Cliënten met een hoge intentie om op korte termijn werk te zoeken, slagen er vaker in om aan het werk te gaan. Dit geldt ongeacht de dienstverlening die zij ontvangen. Bij cliënten met een lagere intentie tot werkzoeken is er wel een verschil: degenen die intensieve dienstverlening ontvangen, vinden relatief vaker werk dan cliënten zonder dienstverlening.

Het is allemaal interpreteren en eruit halen wat je belangrijk vindt. Je kan de informatie ook een stuk eenvoudiger tot je nemen en de conclusie van minister Paul klakkeloos overnemen: Het onderzoek laat zien dat dienstverlening waarde heeft voor mensen met een WIA-uitkering. Deze dienstverlening zetten we dan ook voort. Mooi.