De onderzoekers van TNO hebben research uitgevoerd naar duurzame inzetbaarheid. In hun onderzoeksrapport beschrijven ze wat DI in zijn algemeen inhoud. Experts komen aan het woord over de do’s and don’ts binnen DI en binnen vijf sectoren waar zwaar werk voor problemen zorgt is gekeken wat voor hen werkt op het gebied van duurzame inzetbaarheid.
De DI-urgentie

Inschrijven voor onze gratis Digi-kwest nieuwsbrief.
Op basis van alle beschrijvingen die TNO heeft gevonden concluderen zijn dat DI sterk afhankelijk is van het vermogen) en de motivatie van werkenden, in combinatie met de randvoorwaarden die de werkgever biedt. DI wordt beïnvloed door een breed scala aan persoonlijke en contextuele factoren, waaronder de privé-, werk-, beleids- en maatschappelijke context. Duurzame Inzetbaarheid is een gedeelde verantwoordelijkheid tussen werkgevers en werknemers en zij hebben hierbij een gezamenlijk belang.
Volgens de geraadpleegde experts ligt bij het bevorderen van DI vooralsnog te veel focus op het niveau van het individu. Er zou meer aandacht moeten uitgaan naar met name de leidinggevende, organisatie en bredere omgeving en maatschappelijke context. Zij geven ook het belang aan van een integrale benadering. Dus niet bijvoorbeeld alleen focussen op leefstijl maar ook de werk-privébalans, thuissituatie en levensfase meenemen.
Bij de vijf onderzochte sectoren (zorg, onderwijs, bouw, handel en schoonmaak) blijkt dat de focus nog veelal ligt op het verminderen van (langdurig) ziekteverzuim en nog weinig op preventie. Sectororganisaties hebben over het algemeen veel aanbod wanneer het gaat om DI, maar zij ervaren het als een uitdaging om de kennis, tools en interventies ook echt te laten landen bij werkgevers en werknemers. Ook ontbreekt het leidinggevenden vaak aan tijd en middelen voor het voeren van een continue dialoog over DI met hun medewerkers. Op het niveau van directie en direct-leidinggevenden ontbreekt het nog aan de nodige kennis en urgentiebesef rondom DI.
Het besef van urgentie wordt overigens ook duidelijk gemaakt in het TNO-rapport. Enkele voorbeelden:
- De Bouwsector: 48% heeft te maken met veel fysiek belastend werk. 38% van de werkgevers ervaart een personeelstekort.
- De Detailhandel: De doorwerkleeftijd is 57,9 jaar en 27% van de werknemers is momenteel 55-plusser.
- De zorgsector: Hoog en veel langdurig ziekteverzuim (6,7%). 38% van de werkgevers heeft een personeelstekort.
Alle sectoren worden bovendien geconfronteerd met vergrijzing en ontgroening. Waarschijnlijk wordt de zorgsector daarbij nog het hardst getroffen. Momenteel werkt bijna 8% van de beroepsbevolking (ongeveer 700.000 personen) in de gezondheidszorg. Om de zorgvraag in 2070 bij te houden zouden dat er, gegeven de huidige organisatie van de zorg, 1,2 à 1,3 miljoen moeten zijn (CBS, 2026). Met het huidige personeelstekort, het hoge ziekteverzuim en een doorwerkleeftijd van 62,5 jaar genoeg aanleiding om duurzaam in te zetten op DI.
TNO besluit haar publicatie met een aantal aanknopingspunten om DI-beleid vorm te geven:
- Verleg de focus van individu naar organisatie en systeem.
- Stimuleer (aandacht voor) een effectief implementatieproces.
- Richt DI-beleid op het bereiken van kwetsbare groepen.
- Versterk de evidence-base van DI-interventies.
- Maak “gezond en duurzaam doorwerken” tot een doorlopende lijn.
- Veranker DI in beleid rondom technologische ontwikkelingen.
Deze aanknopingspunten zijn verder uitgewerkt in de TNO-publicatie die hier te vinden is.


